Kapitaalgoederen
De gemeente heeft miljoenen geïnvesteerd in kapitaalgoederen in de vorm van wegen, technische installaties, groen en bomen, bos en natuur, speelvoorzieningen, riolering, oppervlaktewater, openbare verlichting, civiele kunstwerken, gemeentelijk wagenpark, begraafplaatsen en vastgoed. Het onderhoud van deze goederen is van groot belang voor het zo goed mogelijk functioneren van de gemeente op vele terreinen. In deze paragraaf wordt ingegaan op relevante ontwikkelingen en de uitvoering van dit onderdeel in 2024.
Monitoring kwaliteit openbare ruimte
Het onderhoud aan de openbare ruimte vindt plaats binnen de vastgestelde beleidskaders en op het gewenste kwaliteitsniveau. Voor de gehele gemeente is deze vastgesteld op kwaliteitsniveau Basis (B) met uitzondering van het centrum en de begraafplaatsen (A).Om de kwaliteit van de openbare ruimte te monitoren worden elk jaar, door externe partijen, een beleidsschouw en technische inspecties uitgevoerd. Deze kwaliteitsmetingen worden uitgevoerd volgens de systematieken ontwikkeld door het CROW (landelijk kennisplatform voor Infrastructuur, Openbare Ruimte, Verkeer en Vervoer). De gemiddelde kwaliteit van de openbare ruimte wordt in hoofdzaak bepaald door de beoordeling van het dagelijks onderhoud (beeldkwaliteit schoon conform de beeldsystematiek) en in mindere mate door de technische kwaliteit (heel en veilig). Het technisch onderhoud is gericht op het in stand houden van de kapitaalgoederen (technische kwaliteit) en zo het voorkomen van kapitaalvernietiging. Dit technisch onderhoud omvat, ten opzichte van het dagelijks onderhoud, een substantieel bedrag van de onderhoudsbegroting.
De beeldkwaliteit is het afgelopen jaar teruggelopen van een B- naar C-kwaliteit. Door het teruglopen van de technische kwaliteit van kapitaalgoederen wordt het in toenemende mate moeilijk de beeldkwaliteit op het gewenste niveau te houden. Daarnaast spelen klimaatfactoren een belangrijke rol in de lagere beeldkwaliteit, doordat afgelopen jaar een groeizaam jaar was. Hierdoor komen de financiële middelen voor het onderhouden van kapitaalgoederen onder druk te staan.
In het IBOR hebben we in beeld gebracht op welke punten de monitoring van kwaliteit, beleving en waarden voldoet. Hierdoor weten we ook waar deze monitoring nog niet voldoet. Bij de verdere implementatie en uitrol van het IBOR wordt de monitoring ingericht om te sturen op de doelen van het IBOR.